Auteur: Henry Kuppen - Na de zomerstop van 2025 kende het Taalcafé in Mill een druk en waardevol seizoen. Om de twee weken kwamen deelnemers samen in de bibliotheek in Myllesweerd, onder verantwoordelijkheid van Sociom en Bibliotheek Mill. Het Taalcafé wordt bezocht door mensen met een vluchtelingenachtergrond en uiteenlopende nationaliteiten. Voor veel van hen is het leren van de Nederlandse taal veel meer dan grammatica en woordenschat. Het is een sleutel om mee te kunnen doen, buren te leren kennen, werk te vinden, kinderen te helpen op school en zich stap voor stap thuis te voelen in een nieuwe omgeving.
Inmiddels is het traditie dat het seizoen wordt afgesloten met een gezamenlijke barbecue. Op 7 juli was het zover. De trouwe vrijwilligers hadden frisdrank en vlees ingekocht en onder de koele schaduw van de beukenbomen werden de barbecues in het prachtige Aldendrielpark aangestoken. Voor sommige deelnemers is samen buiten koken een herkenbaar en vertrouwd onderdeel van de cultuur van thuis. Juist op zo’n avond wordt zichtbaar dat statushouders niet alleen mensen zijn die hulp nodig hebben, maar vooral ook mensen die verhalen, talenten, gastvrijheid en veerkracht meebrengen.
De deelnemers namen hun zelf in elkaar geknutselde BBQ’s mee en gerechten uit hun eigen keuken. Zo was er mutabbal, een frisse auberginesalade uit Syrië, en salat olivye, een stevige salade met erwten en aardappelen die onder meer in Azerbeidzjan en andere landen uit de voormalige Sovjet-Unie populair is. Uit de Turkse keuken kwam kisir, een salade van bulgur, tomaat en peterselie. Ook uit Irak en Afghanistan werden gerechten meegebracht. De deelnemers uit Eritrea met een christelijk-orthodoxe achtergrond waren juist in een vastenperiode, maar lieten zich daardoor niet tegenhouden om erbij te zijn. Zij genoten onder meer van een uitgebreide fruitsalade. Zo ontstond een kleurrijke wereldkeuken, waarin iedereen iets van zichzelf kon laten proeven.
De taken werden als vanzelf verdeeld. Terwijl een groep het vlees voorbereidde en aan spiesen kneedde, hielden anderen het vuur in de gaten. Wie wilde eten, werd zonder veel woorden afgelost door iemand anders. Niemand kwam iets tekort. Ondertussen speelden de kinderen met de bal en op de klimtoestellen. Het was een gewone zomeravond, maar juist daardoor bijzonder. Mensen die elkaar misschien zonder het Taalcafé nooit hadden ontmoet, zaten nu samen aan tafel, deelden eten en maakten ruimte voor elkaars gewoonten.
Nel van Duren, één van de oprichters en vrijwilligers van het eerste uur, vatte de avond mooi samen: “Het was een fantastisch gezelschap van wel 60 deelnemers van alle leeftijden. We hebben zelfs nog met z’n allen gedanst en gezongen(LEEF van Andre Hazes klonk best goed) en ik heb genoten van het versmelten van de verschillende culturen met elkaar.”
De organisatie kijkt met een warm gevoel terug op een seizoen waarin taal, ontmoeting en wederzijds begrip centraal stonden. Wie de deelnemers spreekt, merkt al snel dat achter het woord ‘statushouder’ gewone mensen schuilgaan. Ouders, kinderen, jongeren en ouderen die veel hebben meegemaakt en hier opnieuw proberen te bouwen aan een veilig en zinvol bestaan. Een Taalcafé helpt daarbij, niet alleen door woorden te oefenen, maar vooral door contact te maken. Begrip begint vaak eenvoudig, met een gesprek, een glimlach, een gedeelde maaltijd en de bereidheid om naar elkaars verhaal te luisteren. De organisatie vond het ook geweldig dat er de mogelijkheid was om dit in het Aldendrielpark te organiseren.
Ben je nieuwsgierig geworden naar het Taalcafé, wil je eens komen kijken of overweeg je vrijwilliger te worden? Neem dan gerust contact op met Nel van Duren:
