Jeugdtoernooi DWSH ’18 weet weer van begin tot eind te boeien
Zestig voetballertjes en hun leiders beleefden een enerverend weekend.

Even leek het erop dat, net als in de ‘grote’ Eredivisie, NEC de revelatie van de 54e editie van de Kille-Cup zou worden. De Nijmegenaren toonden zich al na de eerste wedstrijd een gedoodverfde titelkandidaat voor het jaarlijkse DWSH ’18 jeugdtoernooi. Toch was het de recordkampioen Ajax dat zich opnieuw (nu al voor de dertiende keer) het best thuis voelde in ‘Stadion De Binding’. En dat bij de Kille-Cup álles mogelijk blijkt wel uit het feit dat NEC in de poulefase nog moeiteloos van de Amsterdammers wist te winnen. De finale tegen NEC was echter een prooi voor de Amsterdammers, die daarmee hun seizoen alsnog glans wisten te geven.

Nooit eerder wist NEC de Kille-Cup te veroveren, maar met zes keer winst, één gelijkspel en slechts één tegentreffer, geïncasseerd in de allerlaatste poulewedstrijd, had de verrassende nummer-drie van de Eredivisie de beste papieren in het jeugdtoernooi, dat ooit, in 1971, begon als seizoensafsluiting. Sindsdien brengt het spektakel al ruim vijf decennia lang generaties bijeen. Op vrijdag 12 en zaterdag 13 juni kropen zestig jeugdleden van DWSH ’18 opnieuw in de huid van een speler uit de vaderlandse Eredivisie. We zien nieuwe vriendschappen opbloeien en daarmee is de Kille-Cup reclame voor het voetbal én voor DWSH als club waar de jeugd de ruimte en de zo broodnodige aandacht krijgt.

Bol van traditie

In Wilbertoord is ook de 54e editie van de Kille-Cup opnieuw het ‘grootste’ evenement op de voetbalkalender. Het staat inmiddels bol van traditie. Zo worden op vrijdagavond de spelertjes, op schoenen met dubbele(!) knoop, voorgesteld aan vaders, moeders, opa’s en oma’s en andere belangstellenden door heuse stadionspeakers, vanuit de skybox. Mascotte Killy is van de partij, achter het ‘thuisdoel’ verzamelt de opgeschoten jeugd zich; ook zij wil niets missen. De zelfgemaakte vaantjes worden uitgewisseld, al net zo’n traditie als de oefenpotjes die de teams in de voorafgaande weken zelf geregeld hebben. 

Die avond werken de acht teams al meer dan de helft van het totale aantal wedstrijden af. 39 vrijwilligers zorgen dat het de ‘profs’ aan niets ontbreekt. De toernooicommissie kan tevreden zijn: de indeling is andermaal om van te smullen, veel potjes eindigen in slechts een miniem verschil. Eenderde eindigt in een gelijkspel. We zien verbeten duels uitgevochten worden, de allerkleinsten stappen soms eerbiedwaardig opzij, maar wat opvalt is dat ook zij af en toe van zich doen spreken. En altijd is er respect voor elkaar, waarbij de oudsten, de keepers, zich van hun beste kant laten zien. 

Zenuwen

En dan is het tanden poetsen en allemaal naar bed. Voor velen is de nachtrust (veel) te kort, maar ook dat hoort bij de dramatiek van de Kille-Cup. De strijd om de penaltybokaal is al net zo legendarisch als het toernooi zelf. Drie voetballertjes moeten afkampen. Jip Oppers blijkt het meest trefzeker. Bij de bovenbouwspelers heeft Thijm Selten de zenuwen het best in bedwang. De teams beginnen vervolgens aan de eindwedstrijden. FC Utrecht en FC Twente spelen om de zevende plek, die wordt gewonnen door de Tukkers. De strijd om de vijfde plaats voltrekt zich tussen AZ en PSV, waarbij de Alkmaarders winnen van de landskampioen. Derde wordt Sparta, dat stadsgenoot Feyenoord verslaat. 

De finale gaat tussen NEC en Ajax. Nadat de Amsterdammers in de slotfase op 0-1 komen, trekt NEC dat net op tijd recht. Bij de penaltyserie is Ajax koelbloediger en kroont zich tot Kille-Cup-winnaar. De Harry van der Linden-aanmoedigingsprijs is voor FC Utrecht. En de spelertjes? De meesten gaan die avond vroeg onder de wol…